De 10 geboden voor hond en gezin

Om de relatie met de hond leuk te houden, moet men zich houden aan de volgende regels:

commentaren zijn van mij
In het algemeen heb ik het idee dat mensen denken dat honden allemaal hetzelfde zijn. Toch zitten er heel veel verschillen in de karakers van de honden, ook in die van hetzelfde ras. Net als bij mensen, is er geen hond dezelfde als een andere. Ook emoties zijn dieren helemal niet vreemd. Dit wordt blijkbaar vaak voor het gemak even vergeten als het om dieren gaat. Af en toe bekruipt mij het gevoel dat sommige mensen honden hebben omdat slaven niet meer mogen.

Deze 10 geboden zouden ook met het belangrijkste gebod moeten beginnen, nl. een hond is geen mens, dus communiceer met de hond zoals dat door de hond begrepen wordt. Honden zijn roedeldieren en behoren hun plek binnen de roedel te hebben. Mensen gaan er te makkelijk van uit dat de hond zich maar moet aanpassen. In een roedel past iedereen zich aan om zo goed mogelijk als roedel te kunnen voortbestaan.

Verder denk ik dat je baas bent omdat je dat van nature bent en niet omdat je je als zodanig gedraagt, ondanks alle richtlijnen en adviezen die er voor bestaan. Je valt binnen de kortste keren door de mand als je je voordoet als baas terwijl je dat van nature niet bent. En de hond krijgt dan natuurlijk weer de schuld. De 10 geboden zijn ook erg verouderd. Oorspronkelijk opgesteld na observaties van wolven in gevangenschap. Cesar Milan is populair, maar werkt nog steeds volgens deze oude methodes.

1. De baas eet voor de hond?
Als de hond rond dezelfde tijd zijn eten krijgt als het gezin, zorg er dan altijd voor dat de hond na het gezin eet. De hond is immers lager in rang dan de baas en eet daardoor ook later, de ranghogere eet altijd eerder!
Dit kan je ook doen door de bak van de hond te vullen met eten, dan in het bijzijn van de hond zelf boven zijn bak een koekje of een cracker te eten en daarna de bak aan de hond te geven

commentaar
Ik heb deze ervaring niet. Mijn honden krijgen te eten als zij terugkomen van hun wandeling voordat wij gaan eten. Dit is volgens mij normaal: je gaat eerst jagen en daarna eet je. Wij eten dan zeker één tot twee uur later. Wel kijgt mijn hond 's avonds alsnog wat te eten in de vorm van een oor of kauwstaaf.

2. De hond ligt niet op de bank en slaapt niet in bed?
De ranghogere heeft altijd de beschikking over de beste en de hoogste plaatsen; de bank en het bed dus. Hij accepteert daar geen ranglagere roedelgenoten.

commentaar
Ik heb hier een andere ervaring mee met mijn honden. Zij slapen op de slaapkamer bij ons in de buurt op verschillende plekken, zoals de badkamer onder de wastafel als zij echt rust willen. Verder liggen zij op hun mat, of naast het bed. Maar ook op bed, maar dan wel aan het voeteneind met hun oren en ogen richting raam. Hier liggen zij meestal als beschemer van de roedel als zij iets buiten gehoord hebben. Zij zoeken ook steun. Heel af en toe liggen zij hier te relaxen, of om beter naar buiten te kunnen kijken over de schuur heen. Op de bank komen zij meestal wat aanhankelijkheid en genegenheid zoeken, maar liggen standaard voor de bank op de grond. Een speciale bank hebben zij wel, maar die staat te ver weg aan de nadere kant van de kamer en wordt alleen gebruikt als verzamelplaats van hun speelgoed.

3. De baas bepaalt wanneer, wat en hoe lang er gespeelt wordt en wint het spel?
Spel is een risico-arme vorm van agressie; wat voor de baas leuk is heeft voor de hond altijd bijbedoelingen. Het is daarom belangrijk om als baas tijdens het spel letterlijk de touwtjes in handen te houden en altijd het spel en het speeltje te winnen.

commentaar
Een spel dat vaak gespeeld is het touwtrekken. De hond en de baas trekken ieder aan één kant van een touw. Dit is eigenlijk een speciale sociale gebeurtenis. Op deze manier verscheuren ze samen een stuk vlees en ze hebben elkaar nodig om ieder een deel van de buit te pakken te krijgen en zodoende als roedel te overleven.

4. De baas gaat altijd eerder door een deur dan de hond?
De ranghogere gaat altijd voor de ranglagere, zeker door nauwe doorgangen zoals deuren. Leer uw hond daarom een wacht commando aan; hij moet wachten totdat de baas hem voor is gegaan.

commentaar
Hier heb ik een bedenking bij die mijn ervaring betreft met mijn honden. Zolang ik namelijk in mijn huis ben, of op mijn werk, zogezegd op het eigen terrein van de roedel blijven de honden achter of naast mij en zullen niet voor mij door een deur lopen. Zij wachten zelfs op mij. Maar buiten 'de plek van de roedel lopen ze voor mij uit in hun functie als verkenner. Deze functie heb ik hun niet gegeven, maar zat als pup al in het karakter van de honden. Dit komt overeen met menselijk gedrag, een generaal loopt ook niet voorop op plekken waar het wellicht niet veilig is, maar stuurt eerst zijn verkenners.

5. De hond gaat altijd opzij voor de baas?
De ranghogere heeft altijd het recht van doorgang, dus als de hond in de weg ligt moet hij plaatsmaken voor de baas, de ranglagere maakt altijd plaats voor de ranghogere.

commentaar
De hond zal altijd opzij gaan als er iemand langs wil, maar de manier waarop hij gedwongen wordt opzij te gaan kan op verschillende manieren. Je kunt op je strepen gaan staan en hem wegsturen cq schoppen (ja, dat gebeurt ook nog steeds) of met een lichte drang wegdrukken. Dit komt overeen met wat ik zie als ik een heel stel oudduitse herders bij elkaar zie. De honden gaan vrij gemoedelijk met elkaar om zonder vorm van dominant gedrag. Hier kunnen wij mensen vaak nog wat van leren, kijk maar eens in een drukke winkel.

6. De baas bepaalt altijd de route tijdens het wandelen?
De ranghoogste (de dominant) bepaald altijd de route, de ranglagere gaat met de ranghogere mee. De hond volgt dus altijd de baas en bepaalt dus zelf geen route.

7. De hond krijgt niets voor niets?
De ranghogere heeft altijd de macht over het voedsel; hij bepaalt wanneer de ranglagere iets mogen hebben. De hond krijgt van ons (de roedelleider) nooit voedsel (koekjes etc) zonder dat hij daar iets voor gedaan heeft (zitten, liggen, pootje geven etc). Hierdoor bevestigen wij voor de hond onze macht over het voer.

commentaar
Waarom kan een hond niet zomaar wat krijgen? Hij waardeert het echt wel als hij er geen kunstje voor hoeft te doen. Eerst een kunstje laten doen bevestigt alleen maar het machtsgevoel van de baas over de hond. Meer niet.

8. De hond moet ieder gegeven commando opvolgen?
De ranglagere gehoorzamen altijd aan de ranghogere. Als u ziet dat de hond een commando dat u wilt gaan geven (bijv. het hier komen) niet gaat opvolgen (omdat hij met andere honden aan het spelen is) geef het commando dan niet. Ga de hond halen en oefen later aan de lijn, terwijl u de hond onder controle hebt, het commando nogmaals. Zorg er altijd voor dat u tijdens het geven van commando's controle over de hond houdt zodat hij niet onder commando's uit kan komen.

commentaar
Deze stelling is tegenstrijdig met de uitleg. Als je van te voren weet dat hij een commando niet gaat opvolgen geef je het commano niet?? Dit is een leuke.

9. De baas bepaalt wanneer de hond aandacht krijgt?
De ranghogere mag zelf beslissen of hij aandacht wil geven aan een ranglagere als die daarom vraagt. Het is dus niet erg om uw hond te aaien als hij daarom komt vragen, maar stuur hem af en toe ook weg. De ranghogere heeft het recht om aandacht geven wanneer hij daar zin in heeft en om de ranglagere weg te sturen als hij geen zin heeft.

commentaar
Ook weer zo'n machtsgevoelbevestigende regel. De baas bepaalt wanneer er behoefte is aan genegenheid cq aandacht. Dit doe je ook niet bij je kinderen, waarom dan wel bij een huisdier die toevallig helemaal afhankelijk van je is??

10. Ben altijd consequent?
Ben als baas zo consequent mogelijk, als de hond de ene dag mag trekken aan de lijn omdat de baas in een goede bui is en de volgende dag wordt hij bruut gecorrigeerd voor trekken aan de lijn omdat de baas zelf niet vrolijk is, dan is dit voor een hond niet te begrijpen. Als u gedrag wilt corrigeren, moet u dit consequent doen; straffen heeft alleen zin als u het ongewenste gedrag altijd bestraft!! Probeer daarom ongewenst gedrag zoveel mogelijk te negeren en gewenst gedrag te belonen.

Tegenwoordig gaan we uit van het belonen van goed gedrag en negeren we het verkeerde gedrag. Is wel zo vriendelijk naar de honden toe.

Bron: NVODH